We roepen in de schemering

Dit voorjaar stonden er in de Poëziekrant vertalersportretten van Kiki Coumans die uit het Frans vertaalt, Erik De Smedt (Duits), Silvia Marijnissen (Chinees) en mij (Engels en Zweeds). Die waren alleen toegankelijk voor lezers van het blad. Maar bij VertaalVerhaal vonden ze de portretten zo interessant dat ze die ook wilden publiceren. Vanaf vandaag kun je mijn portret lezen:
https://vertaalverhaal.nl/project/woorden-hebben-hier-niet-hetzelfde-gewicht/

De Poëziekrant had ons alle vier dezelfde vier vragen gesteld. De anderen hebben die als vragen met antwoord teruggestuurd. Ik heb er een doorlopend stuk van gemaakt waarin de vragen worden beantwoord. Bij het portret hoort een portret, een foto die wel in de Poëziekrant staat, maar nu niet op VertaalVerhaal. Dus zetten we die hier:

foto: Aja Schwarz

Kwispedoors en boekverbrandingen

Vorige maand al is Hitler, Stalin, vader en moeder verschenen, het boek van de Britse politicus en columnist Daniel Finkelstein dat ik samen met Sylvie Hoyinck en Annemie de Vries voor De Bezige Bij heb vertaald. Het wordt hier en daar al met lof ontvangen door de pers. Met name vanwege de verknoping van familieverhalen met de grotere geschiedenis en dat in een stijl die tegelijk zakelijk, navrant en ontroerend is, schrijft bijvoorbeeld Paul van der Steen in Trouw. Het Engelse origineel is vrijwel tegelijkertijd uitgekomen en wordt in The Guardian zo gekenschetst: ‘A son’s profoundly moving account of his parents’ survival under Nazi and Soviet rule’.

Daniel Finkelstein (foto: The Times)

Eerder schreef ik al dat Finkelstein het verhaal van zijn opa en oma en hun kinderen van moeders en vaders kant beschrijft. Zijn moeders achternaam was Wiener en de Wieners waren Duitse Joden uit Berlijn die al vroeg naar Amsterdam vluchtten, maar daar alsnog met de nazi’s te maken kregen. Opa Alfred Wiener zal op den duur een van de belangrijkste aanvoerders van bewijsmateriaal worden op grond waarvan veel nazi’s na de oorlog worden veroordeeld.

De Finkelsteins, vaders kant, waren Poolse Joden uit het toen nog Poolse Lwów – nu het Oekraïense Lviv – waar Stalins Rode Leger huishield waarna de Finkelsteins in zijn goelags verdwenen. Dat dit geen definitief verdwijnen werd, is mede te danken aan Hitler die Stalin van bondgenoot tot vijand verklaarde. Het boek staat vol met zulke soms intrieste, soms komisch absurde wendingen. Als voorproef volgt hier zo’n wending in de lotgevallen van Finkelsteins vader en oma die gescheiden van vader en man naar een goelag in Siberië zijn gedeporteerd. Zijn vader is dan nog een jochie.

Behalve de kaas en de twee keer mazzel was er zo nu en dan een rantsoen meel voor de ‘lijm’ zoals mijn vader de brij noemde die ze ermee maakten. Die was net aan eetbaar met een snufje van de suiker die uit Lwów was opgestuurd. Om het te kunnen maken moesten twee hindernissen worden genomen. Zolang Ludwiks meststapel nog aan het drogen was, bleef het een probleem om aan brandstof voor het koken te komen. En ze hadden ook geen kookgerei, nog niet één pan. Deze problemen waren gelukkig hanteerbaar met typisch communistische oplossingen.

De eerste was dat het bevoegd gezag besloten had om in het belang van de algemene hygiëne het dorp een voorraad kwispedoors te zenden. Die waren op zijn zachtst gezegd niet heel erg in trek bij de dorpelingen, maar de gedeporteerden maakten er gretig gebruik van om eten in te bewaren of in te koken. Toen Ludwik het vet van de verdronken os naar huis had gedragen, gebeurde dat in een kwispedoor. Dat was niet makkelijk geweest omdat er een gat zat in de kwispedoors, maar het lukte net.

Ludwik vond ook een socialistisch antwoord op het nijpende brandstofprobleem. Naast de kwispedoors hadden de landarbeiders vooral een degelijk begrip van de communistische ideeën nodig, besloot het Sovjetgezag. Dat voorzag hen daarom ongevraagd van een grote voorraad van een boek getiteld Korte geschiedenis van de Communistische Partij der Sovjet-Unie, in het Kazachs. Deze voorraad bleek te groot voor de vraag, aangezien de lezersvraag gelijk was aan nul. Ludwik kwam er proefondervindelijk achter dat één deel precies lang genoeg bleef branden om een kwispedoor ‘lijm’ mee te koken. Hij confisqueerde een groot deel van de voorraad van de boerderij.

vertaling Sylvie Hoyinck, Hans Kloos, Annemie de Vries

Mateloos verlangen

Zo luidt de titel van een bloemlezing die op 5 juni verscheen met als ondertitel ‘meer dan 100 verschillende gedichten over diversiteit’, een co-productie van XSAGA en uitgeverij Podium. De titel is ontleend aan een regel die het homomonument in Amsterdam siert en uit een gedicht van Jacob Israël de Haan komt: naar vriendschap zulk een mateloos verlangen. Dat was ruim veertig jaar geleden ook de titel van een bloemlezing uit Nederlandse homo-erotische poëzie. Het mateloos verlangen van nu is breder.

Zo ontvingen de dichters die eraan bijdroegen de bloemlezing

Splinter Chabot die ook de lancering van de bundel in de Amsterdamse OBA presenteerde, schreef dit in zijn voorwoord: ‘In dit boek staan meer dan 100 verschillende gedichten over diversiteit. Soms zullen die gedichten een gevoel omschrijven dat je herkent, maar waar je de woorden nog niet voor had gevonden. Misschien zullen ze stukjes van een spiegel bevatten die iets van jezelf laten zien, of zullen de gedichten als een warme knuffel voelen, terwijl andere je tonen wat er nog op je pad komt, je meenemen op een persoonlijke reis en twijfels, angsten en woede blootleggen.’

Ook mij is gevraagd een gedicht voor deze bloemlezing te schrijven. Of en hoe dat in Splinters beschrijving past, kun je zelf beoordelen. Lees het gedicht maar.

Hans Kloos op de presentatie van Mateloos verlangen (foto: XSAGA)

Taal van de waarheid

Op 12 augustus 2022 vond hij dan toch plaats, de aanslag op het leven van Salman Rushdie. Gelukkig slaagde de dader niet in zijn poging de schrijver te vermoorden. Inmiddels is wel duidelijk dat de grote verhalenverteller nog maar over één oog en één werkende hand kan beschikken.

het toentertijd door mijn broer uit Londen voor mij meegenomen exemplaar van de eerste druk van het boek dat de ayatollah de schrijver tot de dood deed veroordelen en dat de dader niet eens gelezen heeft

PEN Nederland, de auteursvereniging die opkomt voor onderdrukte schrijvers van allerlei slag en tegen censuur, riep zijn leden op om deel te nemen aan de wereldwijde lezing uit Rushdie’s werk die in Nederland op 29 september door de Akademie van Kunsten bij de KNAW in het Amsterdamse Trippenhuis werd gehouden ter ondersteuning van de zwaargewonde romancier en van de strijd voor vrijheid van expressie. Besloten werd voor te lezen uit zijn recentste Nederlandse publicatie, de essaybundel Taal van de waarheid, vertaald door Bart Gravendaal.

Nederlandse Rushdie-marathon op 29-9-2022 in het Trippenhuis

Het live-videoverslag van de hele marathonlezing staat inmiddels als opname online. Voor de lezers van dit blog begint de clip op 1:27:40, het punt waarop ik de leesstift overneem van collega dichtervertaler Annelie David. Op 13:05 leidt Adriaan van Dis het geheel in met een uiteenzetting over de achtergrond van de fatwa en Rushdie’s blijvende verzet tegen dergelijke en andere censuur.

De laatste skilift

Een baksteen van een dikke kilo en ruim duizend pagina’s. Volgens eigen zeggen de laatste grote roman van John Irving, vertaald door Luud Dorresteijn, Inge Pieters en Hans Kloos voor uitgeverij Het Getij / de Arbeiderspers. Die ligt vanaf vandaag in de boekhandel.

Hele delen van de roman zijn geschreven als een scenario en zien er zo uit. Probleem waren al de specifieke termen uit de wereld van de filmtechniek. Gelukkig konden we een expert raadplegen: Pieter Bart Korthuis, scenarist en regisseur van meerdere Nederlandse successen. Vertalersmazzel was dat we daarbij nu eens niet na hoefden te denken over de werkwoordstijden, want in een filmscript gebeurt alles altijd in de onvoltooid tegenwoordige tijd.

Lees ook de aankondiging van de vertaling, Worstelen met Hitler, Moby Dick en andere sujetten, of spoed je naar de boekhandel.